Inleiding

Inleiding in de Eclectische Energetische Natuurgeneeskunde

De betekenis van het woord eclectisch is “uit alle systemen het beste halen en er tevens de Eenheid in zien”. Dit kun je toepassen binnen de geneeskunde, religies en behandelwijzen.

In de wereld zijn er drie geneeskundige systemen. De Oosterse geneeskunde, de traditionele Chinese geneeskunde en de Westerse reguliere geneeskunde en de natuurgeneeskunde. Daarnaast is er nog oudere volksgeneeskunde zoals de Tibetaanse geneeskunde en de Egyptische geneeskunde. Binnen de Registeropleiding E.E.N.® therapeut zijn al deze geneeskundige systemen verwerkt.

De Oosterse geneeskunde

De Oosterse geneeskunde ziet de mens als bewustzijn. De wereld en de mensen zijn gematerialiseerd bewustzijn. Energie en materie zijn beide functies van bewustzijn. Lijden en ziekten zijn inherent aan het bestaan van de vorm. De oorzaak is gelegen in een persoonsgebonden oriëntatie in het bewustzijn. De therapie richt zich op de energie en de stof als een symptomatische -op menselijke maat gesneden- behandeling, terwijl de oorzaak wordt gezocht op het niveau van bewustzijn, het energetisch en fysieke lichaam. Er wordt gewerkt vanuit het chakrasysteem. Wanneer er een verstoring is in het lichaam kan men deze ook terugvinden op chakraniveau. Daarnaast worden er ter ondersteuning kruiden ingezet, die een sterke energetische werking hebben.

De Chinese geneeskunde

De traditionele Chinese geneeskunde is gericht op het energetisch/emotionele niveau. De behandeling is erop gericht energetische blokkades in het energiesysteem op te sporen en de energie te herstellen. De Chinese geneeskunde richt zich op het meridiaansysteem. Dit proces wordt ondersteund door middel van kruiden en acupunctuur. Met de begrippen yin en yang worden verstoringen in de dynamiek en de balans uitgedrukt (yin is te weinig en yang is te veel energie). De therapie is energetisch van aard, evenals de acupunctuur en de Chinese kruiden waarmee wordt gewerkt. Deze geneeskunde richt zich op het energetisch en fysiek lichaam.

De Westerse geneeskunde

De Westerse reguliere geneeskunde richt zich op het fysiek/lichamelijke niveau. Deze geneeskunde gaat ervan uit dat de mens is opgebouwd uit materie. De structuur van de ziekteleer gaat ervan uit dat, als men ziek is, men niet meer aan de norm voldoet. De therapie is er dan ook op gericht de norm weer zoveel mogelijk te bereiken. De behandeling is erop gericht blokkades in het lichaam op te sporen. De diagnose wordt meestal door onderzoek gesteld. Denk hierbij aan bloedonderzoek, röntgen, scan etc. De behandelwijze bestaat uit causaal gerichte therapie, ondersteunende therapie en preventie. De behandeling wordt ondersteund met reguliere geneesmiddelen.

De Westerse natuurgeneeskunde is een holistische geneeswijze, die zich richt op het in balans brengen van lichaam, geest en ziel. De diagnose wordt gesteld via de kinesiologie, polsdiagnostiek, biotensor, pendel en anamnese. Binnen deze geneeskunde wordt er gebruik gemaakt van fytotherapie, homeopathie, Bachbloesemtherapie, orthomoleculaire therapie en lithotherapie en er wordt gewerkt met fijnstoffelijke energetische middelen. De behandeling is vaak energetisch van aard, zoals aurahealing, magnetiseren, Egypteng healing enz. De therapie bestaat uit het behandelen van voedingsintoleranties, drainageproblemen, fysieke verstoringen en toxinebelasting. Verder wordt er gewerkt met de kracht van vergeving, regressie- en reïncarnatietherapie, psychotherapie, ankhtherapie, ademhalingstherapie, reflexzonetherapie, klierkunde en numerologie.

In de Registeropleiding E.E.N.® therapeut worden er per module van bovengenoemde geneeskundige systemen verschillende aspecten als speciaal vakonderdeel gedoceerd.